zondag 31 augustus 2014

STADSE FRATSEN deel 5

Janine Abbring met hond Lois. Sorry fotograaf onbekend.

Ik verzamel stukjes tekst die me intrigeren. Voordat ik ze na een korte bewaartijd tot prop gevormd in de prullenbak mik, een compilatie.

PS 3-8-2013
Het Haarlemmerplein heeft sinds kort een fontein. … Een vrouw van middelbare leeftijd die zich terwijl ze haar hondje uitliet – een geknipt en gefohnd ding met een nogal pedante uitstraling – beklaagde over het gekrakeel waarmee ze ineens te maken had.
… mijn aandacht werd getrokken door een puppy en twee kleuters van een jaar of drie, die kraaiend van plezier dwars door de fontein holden. Terwijl de hond uit alle macht de stralen water probeerde te vangen, probeerden de kinderen de hond te aaien, en door het onhandige gedartel van de pup, de schittering van het water en vier dikke beentjes in geel-blauwe broekjes leek de wereld ineens even perfect en Amsterdam een paradijs.
Uit ‘Net kleine kinderen’ door Eva Hoeke

Volkskrant magazine
… Maar de echte baas aan boord van de boot? Dat is de onvolprezen Weimaraner Harper, een ijdeltuit van jewelste die hen eerst al ’s ochtends wakker staart – ‘Nee, die kan je echt niet negeren. Dit is Royal Highness herself’ - en vervolgens als een diva op het dek gaan zitten zonnebaden.
Uit interview met Mart Visser

PS 15 juni 2013
… Wat de aandoenlijke hondentafereeltjes nog het meest losmaken, is het verlangen van de toeschouwer om zelf zo te worden meegevoerd. Kop in de wind, van verbazing in verbazing glippend en niks hoeven doen behalve vertrouwen op het baasje. Het rotsvaste geloof koesteren dat de eindbestemming van de reis (die op zichzelf al een bron van vreugde is) een plek is waar het goed is. Waar alle hondenbehoeftes weer vervuld worden.
over Thomas Schlijpers boek ‘elke dag een lach’

8 december 2012 interview Janine Abbring
… Ik nam ontslag. Binnen een jaar huurden ze mee weer in. En het mooie is: toen ik in dienst was, mocht mijn hond niet mee, maar toen mocht ik dat opeens als enige wel. Ik ga nooit meer ergens heen zonder hond, hè, Lois? Een jaar later werd ik gescout als Jakhals bij de  Wereld Draait Door. Maar pas bij Vroege Vogels komt alles samen …

VPRO gids 27 juli ‘Eten van eigen vlees’ door Ulrik Unger
… Bijlmermeer. Op die vers opgespoten zandvlakte waar toen nog slechts hier en daar een flat stond, stierf het van de hazen, waarop Mona, onze Engelse cocker spaniel, onvermoeibaar jacht maakte. Tanden in het nekje, even schudden, klaar. De geknakte kadavertjes lieven we liggen, want de gedachte om ze mee te nemen, te villen en te ontdoen van ingewanden om ze vervolgens op te eten, kwam bij ons, verwende welvaartslijders, niet eens op.
Uit documentaireserie Wildpark Nederland

zaterdag 30 augustus 2014

KASSA


In het Marokkaanse winkeltje om de hoek geurt het steevast naar exotische bestemmingen. Ook de povere inrichting doet uitheems en vakantieachtig aan. De winkel wordt bestierd door een hulpvaardig echtpaar. De dochter mag beurtelings achter de kassa en vakken vullen, het kleuterzoontje met overweldigende donkere krullen veegt met verve de vloer aan. Ze spelen winkeltje, zoals ik vroeger marktkoopvrouw naspeelde bij de Boerenbond van mijn grootouders.

Op het raam volgeplakt met aanbiedingen van telefoonproviders, prijkt trots: supermarket. En dat is het, weliswaar in minivorm, maar de zaak met het oppervlak van een gemiddelde woonkamer bevat een ambachtelijke slagerij, een groenteafdeling en een kassa met een lopende band op armlengte die de boodschappen vervoert. Net echt.

Ik zet de fles Turkse olijfolie op de band. De caissière komt uit de multifunctionele meterkast aangestoven die dienst doet als kantine en magazijn. In haar kielzog een donkere man die mij geen blik waardig gunt. De meneer en ik zijn de enige klanten op dat tijdstip. Hij kwakt een bloederige zak met orgaanvlees voor mijn fles olijfolie en dringt in de denkbeeldige rij voor. Zij grijpt net op de tijd de zak waarvan het plastic bandje dreigt los te schieten en legt er een knoop in. De fles olijfolie wordt ondertussen op de voortschrijdende band tot aan het uiterste randje gedreven. De man schuifelt mee, vastbesloten om als eerste af te rekenen.

De caissière verkeerde in een spagaat. Net als ik. Moest ik een daad van verzet plegen, op mijn strepen staan? De man van het vlees was vóór mij in de winkel, terwijl ik eerder bij de kassa stond. Hij had een punt, net als ik. Het hoofddoekje van de vrouw schoof van onmacht naar voren. Ik besloot haar kant te kiezen. Ik kneep een oogje dicht net als honden doen als ze kalmerende signalen uitzenden, en liet de man voor. De caissière rechtte haar rug, duwde de doek achterwaarts en rekende af. Katsjing deed de kassa. 

Net geopend en al concurrentie van mijn broer.

vrijdag 29 augustus 2014

OBSTAKELS


Het bijbehorende spannende verhaal is gevangen in het boek 'De rebellen maken er een bende van'. Te bestellen via:

donderdag 28 augustus 2014

DE AVONDEN


Zolang het tot een uur of negen licht is, maken we in de avonden boswandelingen. Op een snijpunt van laantjes met aan weerskanten onvolgroeide valse acacia’s staat een buitenlandse hond met een zacht en vriendelijk gezicht. We taxeren de teef als Oost-Europese. Zo eentje waar je op slag op gesteld raakt. Ze stond in dubio welk pad te nemen. Er moest nog een laatste bastion geslecht worden.

In de verte hoorden we ‘Mendi’ roepen. De hond reageerde door naar ons te komen. Ze liet zich aanhalen en we konden de penning aan haar halsband bekijken: NDG stond erop, Stichting Nederlandse databank gezelschapsdieren. W. lijnde haar aan, omdat de hond geen aanstalten maakte om naar de eigenaresse te gaan. Zo gingen we haar tegemoet. De hond trok naar twee op de smartphone facebookende tienermeisjes die zijlings aankwamen, en niet naar de nondescripte vrouw met de bruin leren politielijn in de handen.

Na het overhandigen van de eenjarige hond, zagen de twee eruit als een uitgeblust stel dat het met elkaar moet zien te rooien. Geen happy faces. We hadden er een dubbel gevoel over. Was de hond mogelijk opzettelijk weggelopen? Was haar zoveelste poging om een nieuwe baas te vinden weer mislukt? De vrouw zei immers dat ze regelmatig wegliep. Begreep niemand de werkelijke reden van haar actie: opnieuw geadopteerd worden. In plaats van haar mee te nemen, brachten lieve mensen haar telkens terug naar de rechtmatige eigenaar.

De vrouw deed redelijk haar best om de aandacht van haar hond te krijgen. Geforceerde vreugde, omdat wij toekeken? Mindi keek haar eigenaresse terloops aan. Voordat ze zich uiteindelijk gewonnen gaf en tegen haar opsprong om haar kin te likken, doopte ze haar snuit in een hondendrol. De vrouw had het niet gezien, wij wel.

woensdag 27 augustus 2014

SLACHTOFFERHULP


In een niet nader te noemen stadsdeel is je hond uitlaten voor een fatsoenlijk burger met brave hond bijkans een militaire operatie. Het risico voor je reu om opgevreten te worden, is substantieel aanwezig. Er zijn zelfs hondeneigenaars die schema’s bijhouden welke engerd waar en wanneer loopt. Het mijden van fnuikende ontmoetingen tussen onschuldig slachtoffer en asociale soortgenoot is hier voor menige wijkbewoner driemaal daags puur lijfbehoud. Raken de gemoederen niet verhit door de hoge zomerse waarden dan wel door het te ja of te nee aanlijnen van übergeproportioneerde reuen met een twijfelachtige reputatie. Beschaafde liefhebbende baasjes doen, alleen al bij het inbeelden van denkbare horrorscenario’s, ’s nachts geen oog dicht. Over voor wie je allemaal beducht moet zijn zodat je je lieveling na elke wandeling heelhuids mee naar huis kunt nemen, wordt door medehondeneigenaren druk gerateld. Er vanuit gaan dat een hond zich weet te gedragen omdat hij zonder lijn loopt is geen veilige maatstaf, zo blijkt uit roddel en achterklap. Daarom kozen Skip en ik er wijselijk voor om vluchtwegen te benutten, schuilplekken op te zoeken, te treuzelen om de ander een voorsprong op te laten bouwen en voortijdig de wandeling af te breken (abort, abort!) en de vijandelijke linie te verlaten. In plaats van slachtofferhulp te moeten in te schakelen, doen we de wandeling later dunnetjes over in ons eigen vertrouwde hondenbos.


dinsdag 26 augustus 2014

STORTDOUCHE


Poolhonden behoren geen lichaamsgeur te hebben. Een fout die in de kynologie regelmatig wordt gemaakt is, dat er geen onderscheid wordt gemaakt tussen Poolhonden en Honden uit het hoge Noorden. Alle Poolhonden behoren tot Honden uit het hoge Noorden. Omgekeerd is dat niet het geval. De Noorse Buhund valt onder FCI groep 5 Spitsen en Oertypes, om precies te zijn de subcategorie Scandinavische Spitsrassen. Skip is een Hond uit het hoge Noorden, maar geen poolhond.

Aan Skip kleefde het overbekende hondenluchtje dat ontstaat door een combinatie van vuil en broeierige bekleding die klam blijft. Niet zo gek. Als je dagelijks je lijf in de Maas dipt, graaft in de Limburgse klei, en afkoelt op de grond, dan hangt er na verloop van tijd een luchtje aan je.

De hoogste tijd voor een warm bad. Skip ging samen met mij onder de douche. Terwijl Skip opdroogt in een omgeslagen baddoek, stop ik zijn riemen, dekentjes en handdoeken in de wasmachine, dweil de vloeren en klop zijn mandjes uit. Graag houd ik Skip een dagje fluweelzacht en schoon.

Het weer werkte niet mee. Rennen over ribben waar ooit asperges werden geteeld en een stortdouche lieten hun sporen na: Skip was modderig en drijfnat. Maar thuis geurt het bij binnenkomst fris naar sop en cacaoboter (van de crèmespoeling) en niet naar natte hond.

maandag 25 augustus 2014

STEENGOED


Skip sleurt me aan de in keperverband beklinkerde laan waar onze auto startklaar staat voorbij. Hij wil niet naar het bos, hij wil naar het water. De zon die me zo vroeg in de morgen al laat zweten is een warm pleitbezorger die Skip steunt. Ik ga overstag. Langs de rivier priegelen meerkoetjes of zijn het nou waterhoentjes* in rockende planten. Onderdompelende eenden met hun omhoogstekende konten doen wis en waarachtig aan ochtendballet. Gierzwaluwen brengen een aubade aan de teer lichtblauwe lucht.

Skip wil actie. Hij staat erop dat ik keien gooien in plaats van een waterapport. Dat vereist een andere aanpak. Bij een apport stapt hij het water in, bij een steen plonst hij erin. Daarbij is een schuimrubberen drijfbal die hem eventueel raakt van een ongevaarlijker kaliber dan een zwaar projectiel dat een inslag moet veroorzaken. Skip moet naast me op het strand wachten tot het moment waarop ik gooi.  Als ik de kei keil, mag hij het water in plonsen. Hij watertrappelt in de deining, vangt de druppels en maakt het geheel af met een pirouette. Het ritueel wordt zolang herhaald tot hij afhaakt.

*Wie is wie? De Meerkoet heeft een witte snavel met een wit vlak erboven. Hij heeft lobben aan de tenen die dienst doen als flippers. Het Waterhoen heeft een rode snavel met gele punt en moet het stellen zonder zwemvliespoten.

zondag 24 augustus 2014

FREE SPIRIT



Knuffelskip is een vrije geest die het eenvoudigweg nodig heeft om soms buiten beeld te zijn. Het is een onzinbewering dat Skip vaak zoek is. Ditmaal is hij in het halfduister een uurtje ribbedebie. Het woord klinkt grappiger dan het is. Een verslag.

De laatste zomerrestanten in de uitverkoop. De natuur houdt collectief opruiming, behalve de dopheide die het paars traditiegetrouw in de nieuwe najaarscollectie heeft. Na dik anderhalf uur zijn we uitgewandeld. Net voor de zon ondergaat, gunnen we Skip nog een toegift in de driehoek. Het is een zanderige triangel met konijnenburchten omsloten door paden. Wij rusten uit op het bankje. Het is leuk om te zien hoe Skip hiphopt. Als hij het pad over wil steken, dicteer ik: ‘Niet verder, in de driehoek blijven.’ Hij rent het vak in en uit. De konijnen drijven de zaak steeds op de spits.

De zon is gezakt en we beginnen af te koelen. We fluiten onze krulstaart terug die zich allang had moeten melden. Geen Skip. Verhip, waar hangt hij uit. Heeft hij een konijn gevangen en is hij bezig het op te peuzelen? Hebben de konijnen hem naar ginder gelokt en is hij afgedwaald? Het worst case scenario bewaren we voor later. Na een uur non-stop roepende in de woestijn geen levensteken van Skip. Net als we besluiten dat een van ons de fiets en een extra gsm gaat halen, komt de verlossing van een wandelaarster. Skip bevindt zich, ongelogen waar, in de driehoek. Was hij al die tijd onder onze neus geweest?

Skip, vertikt het om te komen als W. Skippiet. Hij verkeert in een parallel universum hogere sferen: runners’ high, het abnormale gevoel dat je mentale drive je lichaam dwingt tot rennen. W. moet spurten om Skip te vangen en te ketenen. Samen uit en thuis. Niets bijzonders. Er kan weer een chapiter worden toegevoegd aan de Skips avonturen. 

zaterdag 23 augustus 2014

GASSEN


Dobey en Dusty frequenteren hetzelfde besloten en voor honden verboden paradijs als wij. Terwijl de Flatcoated Retriever al apegaapt in het Ford Kaatje, daagt zijn vlassige vriend hun, na lang en onbaatzuchtig wachten, vrolijk vittende vrouwtje uit. Ze ontkomt er niet aan om uit te stappen en de Golden Retriever te gaan halen. Het portier en de ramen blijven open om de hond op de achterbank wat lucht te geven. Wij dubben: zullen we blijven wachten tot ze herenigd zijn?

De vrouw van wie het gezicht is afgeschermd door een zwarte zonnebril, probeert de hond met een lumineus idee te lokken: ze gooit een stok. De hond trapt er niet in. Lokaas in de vorm van een beduimeld koekje dat ze uit de toeristenbuidel (schertsend buikprothese genoemd) om haar middel haalt, werkt averechts. De hond is in charge en hij geniet er zichtbaar van. Die is zo een, twee, drie niet gevangen.

Een vierkant luikje in het overwegend bewolkte plafond. De zon zit op zolder. Dat zien we aan de gouden rand. Door het luik daalt een dikke scheut stoom richting aarde. Alsof een groot gevaarte brandstof loost. Iemand die er ontvankelijk voor is, weet het zeker: visitors from outer space. Ze komen eraan! Wie niet weg is, is gezien. Gassen! W. start de auto en trapt ‘m op zijn staart.

vrijdag 22 augustus 2014

ZON, ZEE EN ZAND


De weg naar het zandstrand is lang. In de zon is het om te stikken. We meren aan bij een mui met een waterkering van basaltblokken. Het is de merite van W. dat Skip zondermeer te water kan worden gelaten. Voorafgaand aan de zwempartij, terwijl Skip pootjebadend antichambreerde, had hij zwaarwegende brokken steen herschikt. Een bewonderenswaardige krachtinspanning van W. Hij kan zo deelnemen aan ‘de sterkste man van Nederland’.

Skip kan, nadat ik op zijn verzoek een meter naar links ben opgeschoven, onbelemmerd via de ontstane geul ter breedte van een Engelse voet rechtstreeks het ruime sop kiezen. Zijn gele drijfbal zijn we vergeten. We gooien een wrakkige stok om te halen en te brengen. Het was de enige die we konden vinden. De stok slinkt elke keer als Skip ‘m aan wal aflevert. Na tien waterapportes is er een klein stompje over dat Skip dito wil versplinteren. Ik pak het af en gooi het op. Skip laat het wegdrijven, ondanks dat we hem aansturen met: ‘links’, ‘rechts’, ‘verder’, ‘nee voor jou links’. Kortom, het was zijn manier om te zeggen: ik ben het zwemmen zat.

De sluis moet geopend zijn, want een invasie van vaartuigen - meest buitenlandse plezierjachten - is in aantocht. Ze brengen knoeperds van golven te weeg. Skip gooit bij iedere rolgolf zijn volle gewicht in de branding. Gelijktijdig hapt hij in het schuim. Het laatste bootje veroorzaakt door de krachtige motor een vloedgolf. Ik doe te laat een stapje terug. Skip wordt op ‘de rotsen gesmeten’. Terwijl hij op adem komt, worden mijn sandalettes en voeten die rusten op de stenen berg gedroogd door de wind. 



donderdag 21 augustus 2014

NATURELUREN


Na wat gekwakkel is het zomaar weer zomer. Een vrijwilliger van het Limburgs Landschap leidt vol verve midden op een woensdagmiddag een gering groepje belangstellenden op de Groote Heide rond. Wij schuifelen ze tegemoet. Skip is uiteraard aangelijnd. Op het struinpaadje moeten we de stilstaande groep natuurliefhebbers inhalen. De leider informeert over vliegjes die stuifmeel transporteren en hoe belangrijk dat is - hij heeft kort van te voren een aantal van hen geplet om ze te showen.

In het voorbijgaan moeten de zeven naturelurende* individuen voor ons wijken. Zonder enige twijfel of maar de geringste aarzeling gaan ze beleefd opzij. Hun stevige stappers, schattend maat 38 tot en met 48,  planten ze zonder pardon bovenop de bloeiende heideplanten. Ik brul: ‘Niet op de planten!’ Unaniem gelach van de deelnemers/natuurliefhebbers, waarvan zes ANWB leden, want gehuld in human nature kledij. De vrijwilliger licht toe dat de stoere heide best tegen een stootje kan. Is het gek dat Skip, net als wij, zich afvraagt waarom honden (al gauw 50 kilo minder wegend) niet buiten de gebaande paden mogen en verplicht aan de lijn moeten?
*De titel ‘natureluren’ is bedacht door Johannes Bellinkx. Ere wie ere toekomt.




woensdag 20 augustus 2014

KATJESKERMIS


Halfbewolkt en een gematigde temperatuur. Skip en ik laten ons op de hoek van de hoofdweg bij een bloemenperk met gemenied hekwerk uit de auto zetten. Van daaruit kuieren we dwars door de groene wijk naar opa. In het pas geopende speelpark dat ook een hondenuitlaatplaats faciliteert, wacht doddige Doodlepup Oscar in de hondenren op een speelkameraadje. Skip heeft meer belangstelling voor de witte poes die tegen de draad van de ingangspoort wrijft.

We steken gauw over waar een gesandaliseerde midzestiger met Abrahambaard een frikandel-snackende Steffie meesleurt. Naast de twee loopt een yin en yang poes.  De poes met een zwarte bovenkant en witte onderkant, smijt en vrijt bij elke neuzelstop van de hond haar lichaam op de grond. Ik leid Skip af. Bij de rotonde houden we links aan. Drie kibbelende inbetweens, waarvan de jongen met petje attent wacht tot de jonge Podenco in Dobermanverpakking is uitgepiest. Skip en Sheba wisselen kort gegevens uit.

We nemen de zanderige afdaling. Het regenwater heeft het pad uitgewist. Een lapjeskat loert van onder een rododendron vandaan. Skip snuffelt het spoor van de teef af. Een perfect Duits en Engels sprekende wellevende student, afgewaaid uit het Verre Oosten, vraagt de weg naar de militaire basis. Ik wijs de knappe kop de weg. Unverfroren wil ik weten of in de rugzak waar een touwtje uithangt geen explosieven zitten. De grens tussen ernst en luim. Hij heeft humor en zegt dat de basis zijn landmark is van waaruit hij de weg naar huis kan vinden. Een zwart winterkatje schiet de weg over.

Op de singel in de voortuin van een tweekapper wast kater Willem zijn pootjes in het laatste streepje zon. Hij weigert buiten te verlaten, zelfs als de bewoonster luidruchtig met een vork in een blikje port. ‘Zal Skip even helpen?’ ‘Graag’, lacht ze, ‘ik moet zo weg.’ ‘Komt-ie’, kondig ik aan. Willem is al binnen.

Bij de ingang van opa’s appartementencomplex wacht gembergetinte kater Jaap ons op. Hij miauwt en geeft kopjes. We stappen gedrieën in de lift. Jaap stapt op eenhoog uit, wij op de tweede etage. ‘Het stikt van de katten op straat’, vertel ik aan opa. Opa weet waarom: ‘Het zijn de Katjesdagen.’

dinsdag 19 augustus 2014

DE WET VAN MURPHY


De wet van Murphy kun je simpel uitleggen als: wat er mis kan gaan, gaat mis. Elke etappe op deze woensdag wordt een sof. Voor de ochtendwandeling was er geringe speelruimte. De aangepaste route duurde langer dan de normale route omdat we een levensreddende verplichte omweg moesten maken. De enige hond waar Skip een bloedhekel aan heeft en die bovendien een linkerd is, dook op zonder begeleiding.

Het tussendoortje leidde tot een liederlijke deceptie. Al bij het buiten de deur gaan, stond een grommende buldog op de stoep. Een kinderfeestje mondde uit in een fleurige fietsjesparade. Tot overmaat van ramp kondigden ze hun optocht aan met rinkelende fietsbellen. Het was niet om Skip te judassen, ze maakten gewoon plezier. Skip zag af van het ‘twaalfuurtje’.

De uitgestelde boswandeling viel letterlijk in het water. Vol goede moed worstelde hij zich door een netwerk van bosdierensteegjes tussen de dichte begroeiing. Na een kwartier was zijn vacht loodzwaar. De brem en de pollen helmgras veegden als zwiepende borstels van een wasstraat het nat aan hem af. Telkens als hij schudde vlogen liters geabsorbeerd vocht als vellen de lucht in. Het enige dat erop zat was om morgen vandaag over te doen.

maandag 18 augustus 2014

MARTIN GAUS HONDENAGENDA


Week 34 mag Kluifje de Martin Gaus hondenagenda (wie heeft 'm niet op zijn bureau staan) opfleuren. Mijn oneliner ‘Met een hond heb je de wereld aan je voeten’ bij Judiths foto van the famous ‘Wild West’ Pete. Met superrrrr dank aan Kluifje fans Judith Lissenberg en Martin Gaus voor de tekst: Kijk voor meer originele hondendingen op www.kluifje.com.

zondag 17 augustus 2014

VLUGGERTJE


Op de bonnefooi naar de heide. We vertrokken met zon. Doodse stilte en geen kip te zien onderweg. Inenen komt een spookachtige ijzige wind opzetten. Ik ril onder mijn opbollend zomers katoentje. Bomen zwenken en zwaaien. Opgerakeld blad tolt om de eigen as. Skips haren worden gladgestreken door de straffe wind. Vanuit het zuidelijk luchtruim vloeien violet en inktblauw naar ons toe als uit een omgestoten verfblik. Overvallen door onheilspellend donker in een grote leegte. Hoe nietig is de mens.

De uitbuikwandeling wordt een vluggertje. Skip die intens geniet van de acute temperatuurdaling moeten we teleurstellen. De spatten die ons bereiken worden talrijker. Tijdelijk beschutting zoeken onder de luifel van een wilde appel zou een slechte keus zijn. We zetten flink de pas erin. Voor de afwisseling blijft Skip tussen ons in lopen. Hij calculeert vast zijn kansen in. Welke route is het veiligst: langs de bosrand met de metalen afrastering, de open vlakte of via die eenzame boom?* Als een losgeslagen meute honden bereiken we met de hakken over de sloot de auto die ons moet beschermen tegen dodelijke blikseminslagen.

*Mocht je in het open veld worden overvallen door onweer of je hoort het naderen (tel minder dan 10 seconden tussen bliksem en donder), dan is het raadzaam om je zo klein mogelijk te maken door op de hurken te zitten: houd daarbij de voeten tegen elkaar. Op die manier zoekt de stroom geen weg door je lichaam, maat onder je voeten door.. Schuil nooit onder een paraplu, alleenstaande boom, langs een bosrand of in de buurt van een metalen afrastering.

zaterdag 16 augustus 2014

TALKSHOW



Het bijbehorende verslag is gevangen in het boek 'De rebellen maken er een bende van'. Te bestellen via:

vrijdag 15 augustus 2014

WE ZIJN WEER THUIS


Het bijbehorende katachtige verhaal is verschenen in het boek 'De rebellen maken er een bende van'. Te bestellen via:

donderdag 14 augustus 2014

DE REBELLEN MAKEN ER EEN BENDE VAN




Beloofd is beloofd. Het boek is af. De eerste drukproef kan elk moment van de persen rollen. Spannend. Bijgaand vast het omslag ontworpen door Wim van Knippenberg van www.aidinterieur.com. Op de cover v.l.n.r. Cruzer, Byker en Skip, de drie leden van de rebellenbrigade. 

Leer de rebellen (nog beter) kennen via de aanstekelijke avonturen in hun blogboek waarin de drie hun geheim verklappen: de boel op stelten zetten en ermee wegkomen. Waarschuwing: als je eenmaal begint met lezen, ben je verkocht. 

Morgen start de blog weer.

maandag 4 augustus 2014

BEN ZO TERUG - BACK IN A JIFFY


Dank voor jullie hartverwarmende reacties. De dagelijkse (Skip)verhalen worden gemist. Maar er moet ook een nieuw boek af. Vrijdag 15 augustus gaat de blog weer van start.

I know you've been dying to see more about Skip, but my newest book keeps me busy. Back 15th of august.

Contact via:

zondag 3 augustus 2014

HOE SPREEKT-IE?


Op de terugweg vertragen veel honden. Buiten is té leuk om weer voor binnen te verruilen. Skip permitteert zich met enige regelmaat een ongeoorloofde afslag tegen het einde van een losloopwandeling, óf hij doet de grote verdwijntruc. Voorzie ik een uitbraak dan houd ik ‘m kort. Dikwijls zie ik het door de vingers en krijgt hij carte blanche. Zolang het een gezamenlijk spelletje blijft met een gelijkoplopende score is het goed.

Skip stept dynamisch tussen het opgeschoten snijgras. Ditmaal blunder ik. In één oogopslag is Skipmans verdwenen. Ik roep, fluit, klap in mijn handen. Zelfs kraken met het zakje Frolic™ Unterwegs levert geen respons op. Hij hoeft niet op appel te verschijnen, ik vraag slechts oogcontact. Wat we als eigenaar gedurende de opvoeding vergeten zijn: de hond leren reageren. Een simpele blaf of woef om ‘m te lokaliseren is toch niet te veel gevraagd? Na een korte zoektocht vind ik Skip, spadend in de greppel. Ik neem me voor om meteen te beginnen met les 1 van de cursus ‘Luid’. ‘Hoe spreekt-ie?’ vraag ik Skip. Een excuusblik: begrijp jij, onnozelaar, niet dat ik mijn bek vol heb met grond? De omgekeerde wereld: mag-tie blaffen, doet-ie ‘t niet.

zaterdag 2 augustus 2014

DOGTECTIVE


De jonge Skip liet na het verplichte basisprogramma het scala aan vervolgcursussen voor wat het was. Hoe leuk het over hekjes springen, een frisbee vangen, door een tunnel razen, een nephaas najagen en apporteren ook mag zijn, het blijft surrogaat voor het echte veldwerk. Avontuurlijk aangelegde Skip had andere verlangens en plannen. Hij leerde ons dat al deze sportieve prestaties het best verenigd kunnen worden in zijn dagelijkse expedities. Springen kun je over een slootje, racen kun je achter een konijn, vrij rennen doe je met je haren in de wind, en zelf gevangen huismuizen breng je, net als de kat, vanzelfsprekend naar je baas. Door het ellenlange snuffelen en determineren zijn we heel geduldig geworden. Zonder dat we het wisten was Skip eigenlijk een trendsetter: de neus achterna is het nieuwe sporten.

Nu een hoop honden hun gehoorzaamheidspredicaat verdiend hebben en drommen Nederlandse bazen eindelijk verslingerd zijn aan hondensport verschijnen er alarmerende berichten dat honden nog maar mondjesmaat de gelegenheid krijgen om gewoon hond te zijn. Diepgaand snuffelen en ontdekken schijnt er voor de doorsnee stadse hond niet meer bij te zijn.

Honden ‘zien’ de omgeving met hun neus. Voor hen is snuffelen net zo onontbeerlijk als voor ons beelden op het netvlies binnenkrijgen. Je zou kunnen stellen dat honden de geuren op een lantaarnpaal net zo waarderen als wij een fraaie zonsopgang.

Voor honden die NIET van de lijn kunnen of mogen valt er genoeg te beleven. Verander het ‘verplichte blokje om’ waarbij je zodra hij gepoept heeft rechtsomkeert maakt in een slenterwandeling. Geef en gun je dogtective de kans om zijn neus in andermans zaken te steken. Dat betekent: wachten tot hij het onderzoek heeft afgerond en zelf verder wil. Je zult merken dat je jouw hond een enorm plezier doet door regelmatig met hem op snuffeltournee te gaan. Loop jullie route ook eens achterstevoren of ga samen op verkenning in eigen stad door regelmatig het groen in een andere wijk te ontdekken. Ruiken is een mentale stimulatie en sensatie die het leven voor een hond de moeite waard maakt. 

vrijdag 1 augustus 2014

HONDENAGENDA AUGUSTUS



Activiteiten tijdens de Hondsdagen 2014

3 augustus NADAC HOOPERS snuffelworkshop www.canahondensport.nl

8, 9 & 10 augustus World Dog Show Helsinki www.worlddogshow2014.fi

24 augustus Lundehundtreffen in Sevenum www.lundehund.nl

24 augustus Honden Doe Dag Venlo www.viervoetersvos.nl